Ontwikkeling van buitensportaccommodaties

We weten allemaal dat sport gezond is, en al zeker als dat buiten plaatsvindt. Het is daarom van groot belang dat er buitensportaccomodaties worden ontwikkeld door bijvoorbeeld gemeenten. Want van buiten sporten word je blijer, minder gestrest, creatiever en gezonder. Des te meer redenen om de deur uit te stappen en naar een buitensportaccomodatie te gaan. Maar omdat er nog meer nodig zijn om iedereen te laten sporten, moeten er meer ontwikkeld worden.

De doelgroep

Bij de ontwikkeling buitensportaccommodaties komt aardig wat kijken. Allereerst moet je onderzoek doen naar waar de meeste behoefte aan is en door welke doelgroep. Dit kan een voetbalveldje zijn, maar ook fitnesstoestellen in de buitenlucht. Een doelgroep kan ook een combinatie zijn van een school met bijvoorbeeld een sportvereniging, waar de school tijdens de middag kan spelen en er in de avond kan worden gehockeyd op de club. Op basis van deze wensen van de doelgroep, kan een passend ontwerp worden gemaakt.

De omgeving

Vervolgens moet er een passende bodem worden aangelegd. Een essentieel onderdeel van deze aanleg is de waterhuishouding, om verzakking of aflopen van de bodem te voorkomen. Maar ook omgevingsfactoren spelen een belangrijke rol. Waar komen bijvoorbeeld de doelen, verlichting en andere inrichtingselementen te staan? Beplanting kan ook worden meegenomen in het ontwerp, bijvoorbeeld de aanleg van bomen aan de rand van een tennisbaan om zo voldoende schaduw te creëren.

Vergunningen en budgetering

Er moet ook rekening worden gehouden met de vergunningen en andere regelgeving omtrent de aanleg van buitensportaccomodaties. Zo moeten bestemmingsplannen worden getoetst of een milieukundig bodemonderzoek worden uitgevoerd. Als dat allemaal in orde is kan er een plantekening worden gemaakt die inzicht geeft in het bestek en waarop een begroting kan worden gebaseerd. De eerder gemaakte aanbesteding kan je hiermee toetsen of er genoeg budget is. In het geval van een buitensportaccomodatie moet je rekening houden met specifieke normen van het NOC*NSF en eventuele regelgeving van andere sportbonden.